Europa stemt in met een vermindering van de broeikasgassen met 55% tegen 2030

De 27 leiders van de EU zijn overeengekomen dat de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met ten minste 55% moet worden verminderd. De EU moest haar tussentijdse doelstellingen verhogen om tegen 2050 het eerste koolstofneutrale continent te worden.

De EU-leiders zijn na een lange nacht van onderhandelingen ambitieuzere klimaatdoelstellingen overeengekomen. Zij willen de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met minstens 55% verminderen. De huidige doelstelling voor 2030 was om de uitstoot met 40% te verminderen ten opzichte van het referentiescenario van 1990, maar de EU moest haar tussentijdse doelstellingen verhogen om tegen 2050 het eerste koolstofneutrale continent te worden.

“Europa neemt het voortouw in de strijd tegen de klimaatverandering”, verklaart Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad. “De leiders van de 27 lidstaten hebben een ambitieus voorstel voor een nieuwe klimaatdoelstelling aangenomen”, aldus de voorzitter van de Commissie, Ursula von der Leyen.

Achter dit doel gaan enorme investeringen en economische conversies schuil. Het feit dat het debat tussen de Europese leiders zo lang heeft geduurd, heeft dus te maken met de verdeling van de lasten en de kosten. Volgens de diplomaten heeft Polen, dat een grote kolenindustrie heeft, urenlang moeten vechten opdat het meer financiële bijdragen zou krijgen, onder meer uit het moderniseringsfonds, dat gefinancierd wordt met inkomsten uit de emissiehandel en de transitie in oostelijke lidstaten moet ondersteunen.

Het vervroegd vrijgeven van de meerjarenbegroting en het coronaherstelfonds zou al als smeermiddel kunnen dienen. Ten minste 30 procent van de uitgaven in dit pakket van 1,8 miljard euro moet worden besteed aan het behalen van de klimaatdoelstellingen. De leiders zijn van mening dat de Coronacrisis en de extra middelen een kans bieden om de transformatie en modernisering van de economieën te versnellen en een concurrentievoordeel te behalen.

Tijdens de besprekingen drong België erop aan dat de klimaatinspanningen voor elke lidstaat niet alleen rekening houden met het bruto binnenlands product, maar ook met de kosteneffectiviteit van de klimaatinspanningen. België wil ook dat internationale flexibiliteit mogelijk blijft!

Lidstaten

Volgens de overeenkomst moet de Commissie bij het opstellen van de plannen rekening houden met de specifieke omstandigheden van elk land en de mogelijkheden om de emissies te verminderen.

De overeenkomst garandeert ook het recht van de lidstaten om hun eigen energiemix te bepalen en de technologieën te kiezen die hen in staat stellen de meest vervuilende fossiele brandstoffen te vervangen en de doelstelling voor 2030 te halen, met inbegrip van overgangstechnologieën zoals gas. “Wij verzoeken de Commissie ook rekening te houden met de bezorgdheid over de werkverdeling, de billijkheid en de kosteneffectiviteit”, aldus de 27 EU-leiders. “We willen nauw betrokken blijven.”

Concurrentievermogen

De Commissie heeft nu veel werk voor de boeg om de klimaatdoelstellingen in concrete wetgeving om te zetten. De doelstelling voor 2030 zal worden vastgelegd in bindende klimaatwetgeving, de regeling voor de handel in emissierechten zal worden hervormd, de verdeling van de lasten tussen de lidstaten in sectoren als vervoer, landbouw en bouw zal moeten worden herzien, en er zal een koolstofbelasting aan de buitengrenzen worden ingevoerd om het concurrentievermogen van Europa te beschermen.

Over deze voorstellen moet worden onderhandeld tussen de lidstaten en met het Europees Parlement, dat zich heeft uitgesproken voor een vermindering van de uitstoot met 60 procent. Intussen zou Ursula von der Leyen de grootste ambities van Europa op het wereldtoneel kunnen belichten tijdens een VN-klimaattop op zaterdag ter gelegenheid van de vijfde verjaardag van het akkoord van Parijs.


Natuurorganisaties

Greenpeace, WWF en Oxfam zijn van mening dat het Europese klimaatakkoord om de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met 55% te verminderen “niet ambitieus genoeg is”. De drie NGO’s zijn voorstander van een vermindering van de uitstoot met ten minste 65%.

“Politieke opportuniteit blijft de klimaatwetenschap inhalen,” zei Sebastian Mang, Europees klimaatbeleidsdeskundige voor Greenpeace. “Als er geen verdere actie wordt ondernomen, zullen olie- en gasbedrijven blijven opereren en zal onze mobiliteit en voedselproductie niet snel genoeg veranderen om aan de klimaatnoodtoestand tegemoet te komen. De meest kwetsbare en minst verantwoordelijke zal de prijs betalen.

Oxfam roept ook op tot urgente actie om meer te bereiken dan nu is voorzien. “De rijkste tien procent van de Europeanen is verantwoordelijk voor meer dan een kwart van de uitstoot”, zegt Evelien Van Roemburg, European Policy Officer van Oxfam. “Dit moet worden aangepakt. We hebben een eerlijke Europese groene deal nodig die de uitstoot van luxe en de ongelijkheid aanpakt.

Tot slot beschrijft het Wereld Natuur Fonds (WNF) de overeenkomst als een teleurstelling. Volgens haar berekeningen betekent een vermindering van 55% een netto vermindering van 50,5% tot 52,8%. “Net nu de EU een sterke dosis klimaatactie nodig heeft, verwateren regeringsleiders de wetenschap met de politiek”, zegt Ester Asin, Europees Beleidsdirecteur van het WWF.

Bron: VILT

This post is also available in: nlNederlands

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*